Stentor interviewt scheidend vrijwilliger Gerrit van Voorst

Uit de Stentor van 2 augustus 2019

Lid van verdienste is Gerrit van Voorst al. Als het aan leden van voetbalclub EZC ‘84 uit Epe ligt, verdient de 81-jarige ook een standbeeld. Sinds de oprichting houdt hij het sportpark spic en span, maar na 35 jaar vindt Van Voorst het mooi geweest. ,,Nu ik alles nog kan is het tijd voor gezelligheid met mijn vrouw, kinderen en kleinkinderen.”

Daar staat hij dan bij de bosjes. Te hijgen tijdens het bladen harken. ,,Ik was duizelig en het werd zwart voor de ogen", herinnert van Voorst zich. ,,Toen besefte ik dat het tijd is om te stoppen. Ik moet aan mijn hart denken.” De familie is blij dat Van Voorst het zelf ook inziet. Al langere tijd geven ze hem stille hints dat het klaar is. ‘Stop! Je moet het niet meer doen’, zeiden ze als vader en opa na een ochtend vrijwilligerswerk de hele middag op de bank lag om bij te komen.

Vast ritme

Nu het besluit is genomen, heeft Van Voorst er vrede mee. ,,Ik kan alles nog doen. Het wordt tijd voor gezelligheid met mijn vrouw, kinderen en kleinkinderen. Thuis heb ik nog genoeg knooiwerk te doen, dat in de afgelopen jaren is blijven liggen.” Maar het is vooralsnog wennen, nadat hij 35 jaar lang meerdere keren per week op het sportpark was. ,,Maandag stapte ik om half zeven uit bed. ‘Wat ga je doen?’, zei mijn vrouw. ‘Naar de voetbal', zei ik. Toen dacht ik ook: o ja, het hoeft niet meer. Het was de laatste jaren een vast ritme op maandag en vrijdag. Om half zeven stapte ik uit bed, drie kwartier later stapte ik op de fiets en om half acht was ik bij EZC.”

De gebouwen onderhouden, het gras maaien, onkruid wieden en vlaggen ophangen. Wat heeft Van Voorst in al die jaren niet gedaan? Sinds de oprichting in 1984 is hij bij de club betrokken. In de beginjaren - ,,Toen alles nieuw was.” - verbleef hij iedere dag urenlang op het sportpark. Het vat met anekdotes zit bomvol. ,,Arie de Gooijer en ik waren de eerste twee vrijwilligers. In het begin stonden er houten palen om het veld met touwen ertussen om toeschouwers op afstand te houden. Iedere vrijdag werden de touwen opnieuw aangespannen", vertelt Van Voorst. ,,Tegen het bestuur zeiden we: ‘Plaats buizen als omheining. Veel gemakkelijker’. Dat is gebeurd en nu hangt het vol met reclameborden en hebben we zelfs kunstgras. Prachtig.”

Gezelligheid

Vraag aan Van Voorst hoe hij het tot zijn 81ste heeft volgehouden, dan zegt hij steevast ‘de gezelligheid'. Door de jaren heen ontstond er een groep van zes vrijwilligers voor de buitenklusjes op het sportpark. ,,Het omgaan met de jongens; we hebben veel plezier. Nooit geen trammelant en staan klaar voor elkaar. Eerst waren we in de veertig of in de vijftig. Nu in de zeventig, ik zelfs tachtig. De jaren vliegen voorbij.”

Hij heeft zorgen, bekent Van Voorst. ,,Nieuwe vrijwilligers zijn bijna niet te vinden. Ouderen moeten langer werken. 's Avonds hebben ze geen schik om wat te doen. Ik begrijp dat wel. Maar de huidige groep stopt ook een keer.”

Nieuwe vrijwilligers zijn bijna niet te vinden; ouderen moeten langer doorwerken

Afkicken

Voor Gerrit is dat moment aangebroken. Of blijft hij naar het sportpark komen, zoals zijn compagnon van het eerste uur Arie de Gooijer. ,,Hij is negentig en komt nog iedere vrijdag. Is hij met het oud papier bezig en blijft koffiedrinken", weet van Voorst. ,,De eerste twee maanden kom ik sowieso niet. Eerst afkicken en ik wil de andere vrijwilligers niet voor de voeten lopen. Daarna kom ik misschien een keer per maand op vrijdagochtend, want ik wil de jongens ook niet in de steek laten. Gezellig even kletsen en koffiedrinken. Dat ga ik zeker missen.”

BRON : de Stentor / Hans van de Vlekkert / Jaap Selles


 

Wedstrijdverslag

Nieuws


 


 

 

 

© EZC '84. All Rights Reserved.

Please publish modules in offcanvas position.

Free Joomla! template by L.THEME | Documentation